De wereld in beeld: optimistische beurs versus realistische economie?

Macro-economisch

1. Verenigde Staten

Amerikaanse industrie ziet nog geen beterschap

Het is duidelijk dat het voornamelijk de industrie is die in de klappen deelt. Het ondernemersvertrouwen voor de verwerkende nijverheid (PMI Manufactoring) bedroeg 36,1 tegenover de verwachte 36,7. De sentimentsindicator (ISM Manufactoring, wat brengt de toekomst) zag er dan weer iets beter uit: 41,5 tegenover verwacht 36. Het sentiment geeft aan dat de bedrijfsleiders een versoepeling van de lockdown toejuichen.

Eerstekwartaalresultaten

In de eerstekwartaalresultaten in de VS was het effect van de lockdown nauwelijks te merken. We zagen een omzetdaling bij de bedrijven en een daling van de winst per aandeel. Er zijn echter grote verschillen tussen de diverse sectoren. De VS-bedrijven doen het verre van slecht. Dit heeft vooral te maken met het feit dat er heel wat technologiebedrijven zijn en die staan voor een stabiele groei gekoppeld aan hoge marges. Dit geeft een vertekend beeld t.o.v. de bedrijven in Europa. Wat we wel merkten is dat de bedrijven voorzichtig zijn in de verwachtingen voor de komende kwartalen.

Fed, de redder in nood?

Dat de Fed de markt van de nodige liquiditeiten voorziet, blijkt uit de balans van de Amerikaanse centrale bank : intussen is de balans aangezwollen tot $ 7.000 mld. Economen gaan er van uit dat de balans zal oplopen tot $ 10.000 - $ 11.000 mld. Samen met de injectie van de overheid ten belope van $ 3.000 mld, betekent dit een zeer grote liquiditeitsinjectie om de Amerikaanse economie te steunen. Er werden dus duidelijk lessen getrokken uit de financiële crisis in 2008-2009.

2.  China

Hoopvol nieuws uit China

China lijkt het ergste achter de rug te hebben. Nieuwe besmettingen blijven relatief beperkt en het grootste deel van de Chinese economie draait opnieuw. In het tweede kwartaal wordt een herstel van de reële bbb-groei verwacht, na de terugval met 9,8% in het eerste kwartaal van 2020 tegenover het voorgaande kwartaal.

De indicatoren in de industrie tonen een duidelijk herstel van de economie in China. De investeringen namen toe en de industriële productie steeg. De autoverkopen stegen zelfs met 4,5% t.o.v. een jaar eerder. Eén en ander heeft te maken met het feit dat de Chinezen na corona minder geneigd zijn gebruik te maken van het openbaar vervoer. We moeten er ook op wijzen dat het aantal auto’s per 1.000 inwoners ook lager ligt in China t.o.v. de VS en Europa.

De uitvoercijfers vielen tegen wat er kan op wijzen dat de impact van corona en de lockdownmaatregelen in de diverse regio’s in de wereld, een negatieve invloed hebben op China. Het ondernemersvertrouwen in de dienstensector lag zowel in maart als in april beneden 50, wat niet meteen bemoedigend is voor een verder herstel.

Onze macro-economen verlaagden de groeiraming voor de Chinese economie naar 1%. De recente indicaties dat de Amerikaans-Chinese handelsoorlog kan opflakkeren, is eveneens weinig hoopgevend. De macro-economen gaan uit van een herstel van 8,8% in 2021.

3.  Eurozone

De Europese economie kende een desastreus eerste kwartaal

De voorlopige groeicijfers over het eerste kwartaal in diverse Europese landen wijzen op een ongezien negatieve impact: voor gans Europa lag het reële bbp in het eerste kwartaal 3,8% lager dan het vorige kwartaal. De coronacrisis en de daarmee gepaard gaande lockdown heeft de Europese economie snel tot een stilstand gebracht (veel sneller dan tijdens de financiële crisis).

De vertrouwensindicatoren voor ondernemers en consumenten wijzen erop dat de economie ook het tweede kwartaal zwak is gestart. Het PMI voor de verwerkende nijverheid is verder gedaald en ook in de dienstensector merken we een gelijkaardig beeld. Het consumentenvertrouwen was iets beter dan verwacht: economen gingen uit van -23.8, we klokten af op -18.8.

De versoepeling van de lockdown heeft tot gevolg dat de verwachte recessie wellicht iets minder diep zal gaan. Toch verwacht men voor Europa ook geen snel herstel. De bedrijven schroeven immers hun investeringen terug. De macro-economen gaan nu eerder uit van een U-herstel. Dit betekent dat het langer zal duren vooraleer de economie het peil bereikt van vóór de crisis. Er wordt verwacht dat de Europese economie in 2020 zal krimpen met 11%, gevolgd door een herstel van 6,9% in 2021.

Eerstekwartaalresultaten

In Europa zien we een gelijkaardig beeld als in de Verenigde Staten: nog redelijke bedrijfswinsten in het eerste kwartaal (wegens beperkte impact) maar een waarschuwing voor de komende kwartalen. De winst per aandeel lag in Europa lager dan in de VS (vnl. wegens het ontbreken van technologieaandelen).  

 

Financiële marken

1. De beurzen

Verenigde Staten

 

De financiële markten

1. Beurzen

Verenigde Staten

De Amerikaanse beurzen kenden een sterke terugval toen de verspreiding van het virus duidelijk werd. Opmerkelijk is echter het herstel van de beurzen t.o.v. het dieptepunt midden maart. Nasdaq bereikte zelfs het peil dat hoger lag dan begin 2020. De beurzen gingen uit van een sterk herstel van de economie eens de maatregelen versoepled werden. De economische realiteit de komende maanden zal een indicatie zijn voor de verdere evolutie van de beurzen. Een nieuwe teugval van de beurzen valt niet uit te sluiten.


 

Ook in Europa zien we eveneens een mooi herstel maar wegens het ontbreken van sterke technologiewaarden, is het herstel minder sterk. Bovendien verlaagden of schrapten heel wat Europese bedrijven hun dividend.

 

  

 

De opkomende markten ontsnapten niet aan de daling. Deze daling werd eerder ingezet dan de andere regio’s omdat China sterk getroffen werd. Aangezien ook het herstel in die regio eerder op gang is gekomen hebben ook de opkomende markten een mooi herstel laten zien. Het thema ‘emerging markets’ houdt stand als satelliet in de portefeuilles. 

2. Obligatiemarkten

De afgelopen maand verbeterde het risicosentiment op de financiële markten verder. De kredietspreads op bedrijfsobligaties daalden verder. Het toegenomen vertrouwen van de markt dat het dieptepunt van de economische recessie stilaan achter ons ligt was vooral merkbaar in de high yield markt. In dit segment daalden de kredietspreads zowel in de Eurozone als in de V.S. met ongeveer 100 basispunten.

Sinds eind maart daalden de investment grade en high yield spreads respectievelijk met 150 en 200 basispunten.
Het verbeterde marktsentiment betekent echter niet dat alle zorgen verdwenen zouden zijn. De macro economische cijfers blijven barslecht. Een groot deel van de wereld verkeert momenteel in een economische recessie en het ondernemers- en consumentenvertrouwen wereldwijd noteren op een historisch dieptepunt. Bedrijfsinvesteringen worden uitgesteld.

De zwakke economische vooruitzichten zorgen er voor dat heel wat kredietratings neerwaarts worden aangepast. Vooral de automobiel-, luchtvaart- en toerismesectoren hebben te lijden onder de verminderde vraag.
De markt lijkt zich echter vooral te focussen op het economisch herstel na de Corona epidemie.

Ook in de markt van de overheidsobligaties is het optimisme troef. De rentespreads tussen Duitsland en de perifere landen daalden de afgelopen maand fors. Zo verminderde de 10 jaar rentespread gemiddeld met 25 basispunten, in het geval van Griekenland zelfs met 50 basispunten.

Aan de basis van dit optimisme lag ongetwijfeld het economische herstelplan dat Frankrijk en Duitsland uitwerkten en waarbij de hulp aan de landen die het hardst door de Corona pandemie werden getroffen als een rechtstreekse subsidie zou worden toegekend. De financiering zou dan verlopen via een schulduitgifte van de Europese Commissie en dus rechtstreeks in de Europese begroting terecht komen. Voor het eerst zou er sprake zijn van Europese solidariteit !
Dit plan stuit echter op verzet van de zogenaamd ‘zuinige’ landen (Nederland, de Scandinavische landen, Oostenrijk). Het valt dus nog af te wachten of er een Europees akkoord hierover kan bereikt worden.
Indien niet zal dit ongetwijfeld de Europese Centrale Bank er toe aanzetten haar stimuluspakket uit te breiden.

 

Asset allocatie

Door de daling van de beurzen zijn we momenteel in de portefeuilles de facto onderwogen. Hierdoor is het belang van obligaties relatief toegenomen in de portefeuilles. De strategen van de bank zien op dit ogenblik onvoldoende signalen om de aandelenweging in de portefeuilles op te trekken.

Naast het thema “medische technologie”, dat we vorige maand opnamen, willen we inspelen op de diverse trends die we momenteel waarnemen.

Welke zijn die trends?

  • Digitalisering: bedrijfssoftware voor digitale transformatie, e-commerce, cloud infrastructuur, artificiële intelligentie, cyber security.
  • Medische technologie: onderzoek & ontwikkeling van beloftvolle geneesmiddelen, demografische evoluties, verouderende bevolking, verstedelijking.
  • Innovatie en productie: ook industrie kan via software meer toegevoegde waarde bieden.
  • Veranderend consumentengedrag: technologie creëert nieuwe consumententoepassingen.
     

We blijven de ontwikkelingen opvolgen. Wenst u meer informatie over de KBC-Beleggingsstrategie? Uw private banker of wealth officer is uw aanspreekpunt.

Of vraag een afspraak voor een eerste kennismakingsgesprek, volledig vrijblijvend.

Maak een afspraak

Disclaimer
Dit nieuwsbericht mag niet worden beschouwd als een beleggingsaanbeveling of advies.  

We gebruiken cookies en soortgelijke technologieën om je een goedwerkende website aan te bieden die je surfervaring aangenamer maakt. We kunnen de website ook aanpassen aan je behoeften en je voorkeuren. Door verder te surfen, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies. Wil je meer info? Of wil je dit niet?Klik hier.