Kan Europa sterk presterende Amerikaanse en Chinese economie bijbenen?

De Wereld in Beeld – update april 2019

In ‘De Wereld in Beeld’ geven we u elke maand een overzicht van de financiële en economische actualiteit. Welke marco-economische tendensen spotten we? Hoe evolueerden de belangrijkste financiële markten? En wat doen op het vlak van asset allocatie, oftewel de verdeling van uw vermogen in uw beleggingsportefeuille? U krijgt hieronder het antwoord op deze vragen.

Macro-economisch

1. Vrees voor recessie maakt plaats voor voorzichtig optimisme in de Verenigde Staten

In de maand maart werden we geconfronteerd met zwakke macrocijfers in de Verenigde Staten (VS) over de hele lijn. De maand april was een verademing voor wat betreft de groei van het Bruto Binnenlands Product (BBP): de daling van 2,6% naar 2,2% van de maand maart werd volledig weggeveegd want de BBP-groei kwam uit op 3,2%, een volle procentpunt hoger!

Nochtans zagen we ook nu weer gemengde tot zwakke cijfers: het PMI-cijfer (enquête bij de aankoopdirecteuren) uit de verwerkende nijverheid trok wat aan (van 52,4 naar 52,6), terwijl het PMI uit de dienstensector sterk terugviel (van 59,7 naar 56,1) – voor een consumptie-economie is dit niet onbelangrijk. Het consumentenvertrouwen daalde lichtjes. De kleinhandelsverkopen kenden dan weer de sterkste stijging in anderhalf jaar (van -3,9 naar 1,6). De vrees voor een recessie (cfr. eind 2018) heeft intussen plaats gemaakt voor voorzichtig optimisme voor de Amerikaanse economie. Toch merken we dat de gunstige effecten van de belastingsverlaging van de regering Trump aan het wegebben zijn.

Intussen is het resultatenseizoen over het eerste kwartaal 2019 begonnen. De analisten hebben hun verwachtingen voor de winstgroei fors neerwaarts bijgesteld. Voor de S&P500 gaan ze uit van een winstgroei van -2,5%. Binnen de sectoren zijn ze het meest negatief voor energie (-21,8%) en grondstoffen (-15,7%). Positieve winstgroei is er voor de industriële bedrijven (1,6%), vastgoed (2,6%) en financiële aandelen (1,8%). Diverse bedrijven rapporteerden intussen een mooie winstgroei, vaak hoger dan de (weliswaar lage) verwachting, maar waarschuwen voor zwakkere winstgroei in de volgende kwartalen. Het is nog te vroeg om conclusies te trekken, maar het aantal negatieve winstherzieningen zal wellicht hoger zijn over het eerste kwartaal van 2019 dan het laatste kwartaal van 2018.

2. China is terug ‘on speaking terms’ met de Amerikanen

De Chinese president en zijn Amerikaanse collega zijn opnieuw ‘on speaking terms’ voor wat betreft het handelsconflict. Mogelijk wordt snel een akkoord gevonden om 250 miljard dollar aan Chinese goederen niet te tariferen.

Het ziet er echter wel naar uit dat dit handelsconflict één van lange duur wordt. Er zal wellicht een akkoord ondertekend worden – sommige marktpartijen mikken op de maand juni – doch zullen met de regelmaat van de klok nog conflicten opduiken. Laten we niet vergeten dat we te maken hebben met een technologie-oorlog.

De Chinese economie deed het afgelopen maand veel beter dan verwacht. De groei kwam uit op 6,4%, mooi binnen de vooropgestelde prognose van 6%-6,5% door de Chinese Volkspartij. Dit betekent dat de stimuleringsmaatregelen (lagere BTW, lagere belastingen, minder reserves voor de banken) duidelijk hun vruchten afwerpen. De diverse vertrouwensindicatoren zijn sterk verbeterd, maar ook de harde data (kleinhandelsverkopen, industriële productie) staan hoger.

3. Zwak presterende Duitse industrie, handelsconflict met Amerikanen en brexit blijven onzekere factoren voor de eurozone

In de eurozone merken we vooral een ‘industriële’ zwakte, zeker in Duitsland (blauwe lijn). De industriële productie in Duitsland staat onder druk en de sentimentsindicatoren zijn negatief. Toch zijn er ook positieve signalen: de Duitse export trekt opnieuw aan en de jobcreatie blijft sterk.

Het ondernemersvertrouwen in de eurozone heeft een flinke tik gekregen in het laatste kwartaal van 2018.

Het vertrouwen in de dienstensector in de eurozone doet het veel beter en het consumentenvertrouwen staat hoog. Ondanks een verdere daling van de werkloosheid is de groei van het BBP zwak.

Europa heeft het Verenigd Koninkrijk (VK) respijt gegeven tot eind oktober met betrekking tot de brexit. Dan moet er een akkoord zijn in het Britse parlement. Dat betekent wel dat het VK Europese verkiezingen moet organiseren. Het langere uitstel is een positieve zaak, want het betekent dat we wellicht afstevenen op een zachte brexit. Anderzijds houdt het ook in dat de (langere) onzekerheid een negatieve invloed kan hebben op de Europese groei.

Gaat het handelsconflict tussen de VS en China de goede kant uit, zou de dreigende taal van president Trump aan het adres van Europa wel eens een domper kunnen zijn voor de economische groei. Het conflict met Europa is terug te brengen tot het decennia oude conflict tussen Boeing en Airbus. Trump verwijt Europa Airbus te subsidiëren, wat volgens hem zou leiden tot concurrentievervalsing. Een tarifering zou volgens Trump gerechtvaardigd zijn.

De Europese inflatie daalde naar 1,4%, de kerninflatie bedroeg nauwelijks 0,8%. We zijn dus nog ver verwijdert van de 2%-doelstelling van de ECB.

Wat de eerste kwartaalresultaten in Europa betreft, waarvan de publicatie ook gestart is, gaan de analisten uit van een winstgroei van -4%, een sterkere terugval dan in de VS. Qua sectoren zijn de analisten voor Europa positief voor energie (+16,6%), niet-cyclische consumentengoederen (+22%) en vastgoed (+14%); ze zijn negatief voor grondstoffen (-36%) en financiële aandelen (-6.9%).

De financiële markten

1. Amerikaanse en Europese beurzen maken hun dip goed, terwijl de opkomende markten profiteren van de rentepauze in de VS en de zwakke dollar

De sterke prestaties van de Amerikaanse economie, de bocht van Fed-voorzitter Powell die in januari aangaf de rente slechts één keer te zullen verhogen in 2019 (of helemaal niet), en de toch wel verrassende bedrijfsresultaten eind 2018, zorgden in het eerste kwartaal dat de Amerikaanse beurzen de dip van 2018 volledig goedmaakten. In de laatste week van april werd zelfs een nieuw record neergezet in de VS. Waar eind vorig jaar de nutsbedrijven en de gezondheidszorg bovenaan de lijstjes stonden, is die rol terug overgenomen door de technologieaandelen, de grondstoffen en de cyclische consumentengoederen.

De Europese beurzen volgden de Amerikaanse beurs en maakten eveneens de dip van het najaar 2018 goed. Uiteraard blijft de onzekerheid voor Europa groter door onder andere de zwakke industrie in Duitsland, de brexit en Italië, waar de begrotingsproblemen wellicht slechts tijdelijk van de baan zijn.

De opkomende markten (emerging markets) blijven verder stijgen. Zoals eerder aangehaald in een vorige bijdrage is de rentepauze in de VS een goede zaak voor (de schulden van) de opkomende landen. Een verzwakking van de USD is op termijn positief voor de opkomende landen.

2. De obligatiemarkten zetten hun blakende gezondheid verder

De obligatiemarkten verkeerden ook de afgelopen maand in blakende gezondheid. Mede dankzij het soepele monetaire beleid in de eurozone zetten de koersen van de bedrijfsobligaties hun opmars verder. De Europese ‘investment grade’ en ‘high yield’ kredietspreads verminderden respectievelijk met 15 en 30 basispunten. De vrees voor een economische recessie in de eurozone werd getemperd door een stabilisatie van de groei- en vertrouwensindicatoren.

De rente op de overheidsobligaties daalde verder in landen als Spanje en Portugal, maar stabiliseerde in de Europese kernlanden en Italië. De toonaangevende Duitse overheidsrente op 10 jaar steeg licht en noteert opnieuw boven 0%.
Ook in de VS blijft de centrale bank de obligatiekoersen ondersteunen. De Fed gaf aan geduld te hebben en de rentetarieven de komende maanden niet verder op te trekken. De economische groei in het eerste kwartaal van 2019 was beter dan verwacht. Dat zorgde er voor dat de bedrijfsobligaties de afgelopen maand goede prestaties neerzetten. De rente op de overheidsobligaties bleef nagenoeg ongewijzigd. 

Asset allocatie

Door de sterke stijging van de financiële markten in het eerste kwartaal in zowel Europa als de VS, waar de Europese beurzen in tegenstelling tot vroeger niet achterbleven, en de zwakke Europese groei, blijven we 2.5% in de portefeuilles onderwogen ten opzichte van de norm.

De keuze in de aandelenselectie gaat uit naar:

  1. Aandelen met hoge dividenden, zowel in Europa als in de Verenigde Staten
  2. Investeringen in waterbedrijven die inzetten op een verhoogd en milieuvriendelijker wateraanbod en -infrastructuur

 

 

Is deze pagina nuttig voor u? Ja Neen

Disclaimer
Dit blogbericht mag niet worden beschouwd als een beleggingsaanbeveling of advies.

KBC gebruikt cookies om je surfervaring aangenamer te maken. Zo kan KBC ook beter inspelen op je behoeften en voorkeuren. Door verder te surfen ga je akkoord met het gebruik van deze cookies. Meer info? Of wil je geen cookies?Klik hier.