Internationale fiscale transparantie bereikt een nieuw niveau voor beleggers
De internationale fiscale spelregels veranderen opnieuw ingrijpend. Na jaren waarin de Common Reporting Standard (CRS) de automatische uitwisseling van financiële gegevens tussen belastingadministraties fundamenteel heeft versterkt, staat een volgende belangrijke stap voor de deur. Met de invoering van CRS 2.0, DAC8 en het Crypto-Asset Reporting Framework (CARF) wordt de fiscale transparantie verder uitgebreid en verfijnd.
CRS 2.0: van gegevensuitwisseling naar diepgaande inzichten
Sinds de invoering van CRS worden financiële instellingen wereldwijd verplicht om informatie over buitenlandse rekeninghouders te verzamelen en te rapporteren. België ontvangt daardoor jaarlijks gegevens over buitenlandse bank- en effectenrekeningen van Belgische fiscale inwoners. Omgekeerd heeft KBC een rapporteringsplicht met betrekking tot rekeningen die worden aangehouden door niet-inwoners.
Onder het bestaande CRS-kader worden onder meer volgende gegevens uitgewisseld:
- bank- en effectenrekeningen;
- bepaalde verzekeringsproducten;
- ontvangen interesten en dividenden;
- opbrengsten uit de verkoop van financiële activa;
- rekeningsaldi op het einde van het jaar.
Hoewel dit systeem de fiscale transparantie sterk heeft vergroot, stelde de OESO vast dat er nog steeds mogelijkheden bestonden om vermogensposities minder zichtbaar te houden via juridische structuren of onvolledige identificatiegegevens. Daarom werd het CRS-regime grondig gemoderniseerd.
De Europese Unie integreerde deze hervormingen via DAC8, en België heeft de nieuwe regels inmiddels omgezet in nationale wetgeving met toepassing vanaf 1 januari 2026.
UBO'S komen nadrukkelijker in beeld
Een van de meest opvallende wijzigingen in CRS 2.0. betreft de rapportering van uiteindelijke begunstigden of zogenaamde Controlling Persons.
Waar financiële instellingen vroeger vaak enkel rapporteerden dát iemand als uiteindelijke begunstigde werd beschouwd, moet voortaan ook de precieze hoedanigheid worden vermeld. Zo zal onder meer duidelijk worden of een persoon optreedt als aandeelhouder of bestuurder, of controle uitoefent via andere middelen, Voor belastingadministraties betekent dit een veel beter inzicht in de manier waarop internationale vermogensstructuren zijn opgebouwd en wie er daadwerkelijk controle over uitoefent.
Meer transparantie binnen trusts, stichtingen en andere structuren
Ook juridische constructies zoals trusts, stichtingen, fondsen en bepaalde buitenlandse vermogensvehikels worden onder de nieuwe regels gedetailleerder in kaart gebracht.
Niet alleen de identiteit van de betrokken personen wordt gerapporteerd, maar ook de aard van hun betrokkenheid binnen de structuur (bv. als oprichter van een stichting, als trustee bij een trust,....). Hierdoor kunnen belastingdiensten veel nauwkeuriger analyseren welke personen economische of juridische belangen hebben binnen dergelijke constructies.
Voor families die werken met internationale vermogensplanning betekent dit dat de structuur zelf niet noodzakelijk problematischer wordt, maar wel dat de onderliggende rollen en bevoegdheden veel zichtbaarder worden.
Gezamenlijke eigendom wordt expliciet gerapporteerd
Een andere belangrijke evolutie betreft gezamenlijke rekeningen en onverdeelde vermogenssituaties.
Financiële instellingen zullen voortaan expliciet moeten aangeven:
- of een rekening gezamenlijke eigenaars telt;
- hoeveel titularissen betrokken zijn.
Daarbij wordt verduidelijkt dat bij een opsplitsing tussen vruchtgebruik en blote eigendom zowel de vruchtgebruiker als de naakte eigenaar meetellen als titularis van de rekening. Zij worden dus beiden meegeteld bij het totaal aantal betrokken titularissen ongeacht of ze CRS relevant zijn of niet.
Dit is onder meer relevant voor:
- nalatenschappen in onverdeeldheid;
- burgerlijke maatschappen;
- gezamenlijke beleggingsportefeuilles;
- vermogensstructuren waarbij de economische rechten zijn opgesplitst tussen vruchtgebruik en blote eigendom.
Voor de fiscus ontstaat hierdoor een veel duidelijker beeld van de werkelijke eigendoms- en gerechtigdheidsverhoudingen achter een vermogen. Hierdoor wordt de transparantie verhoogd en kunnen vermogensstructuren met meerdere gerechtigden nauwkeuriger worden gemonitord.
Ook fiscale documentatie komt onder de loep
Een vaak onderschat onderdeel van CRS 2.0 is de grotere aandacht voor de kwaliteit van fiscale documentatie.
Financiële instellingen zijn reeds verplicht om een verklaring fiscale woonplaats (zelfcertificatie) van hun klanten te verkrijgen. Onder het vernieuwde regime zal ook worden aangegeven:
- of een geldige zelfcertificatie aanwezig is;
- of deze door de financiële instelling als betrouwbaar werd beschouwd.
Ontbrekende, verouderde of inconsistente documentatie kan daardoor sneller aanleiding geven tot bijkomende vragen van belastingadministraties.
Digitale financiële producten ontsnappen niet langer aan de radar
De financiële sector evolueert snel en CRS 2.0 volgt die evolutie.
Nieuwe categorieën van financiële producten worden expliciet opgenomen binnen het rapporteringskader, waaronder:
- elektronische geldrekeningen (e-money);
- bepaalde digitale wallets;
- central bank digital currencies (CBDC's);
- bepaalde financiële producten met indirecte blootstelling aan cryptoactiva.
De boodschap van de internationale regelgevers is duidelijk: innovatie mag niet leiden tot nieuwe blinde vlekken in fiscale transparantie.
Wat betekent dit voor beleggers?
Voor beleggers die rekeningen aanhouden buiten het land waar hun fiscale woonplaats is, is de belangrijkste verandering niet noodzakelijk dat méér rekeningen worden gerapporteerd. De echte impact zit in de veel grotere hoeveelheid context die voortaan wordt meegestuurd.
Belastingadministraties zullen beter kunnen beoordelen:
- wie achter een structuur schuilgaat;
- welke rol een bepaalde persoon vervult;
- hoe eigendomsrechten zijn verdeeld;
- of fiscale documentatie correct werd bijgehouden;
- hoe gezamenlijke vermogenssituaties zijn georganiseerd.
Daardoor wordt de analyse van buitenlandse vermogensstructuren aanzienlijk eenvoudiger en efficiënter.
DAC8 en CARF: cryptoactiva worden volledig geïntegreerd in fiscale rapportering
Naast de modernisering van CRS wordt vanaf inkomstenjaar 2026 ook een volledig nieuw hoofdstuk geschreven voor cryptoactiva.
Met DAC8 voert Europa het door de OESO ontwikkelde Crypto-Asset Reporting Framework (CARF) in. Daarmee verdwijnt een van de laatste grote lacunes binnen de internationale fiscale gegevensuitwisseling.
Waar CRS zich voornamelijk richt op klassieke financiële activa, focust DAC8 specifiek op cryptovermogen.
Wie zal moeten rapporteren?
De nieuwe regels zijn van toepassing op een brede groep van crypto-activadienstverleners, waaronder:
- crypto-exchanges;
- brokers;
- handelsplatformen;
- aanbieders van custodial wallets;
- andere professionele crypto-dienstverleners.
Deze partijen zullen gegevens van hun klanten moeten verzamelen, valideren en rapporteren aan de bevoegde belastingadministraties.
Welke gegevens worden uitgewisseld?
Afhankelijk van de aard van de dienstverlening kunnen onder meer volgende gegevens worden gerapporteerd over relevante crypto gebruikers identiteit van de gebruiker;
- fiscale woonplaats;
- fiscale identificatienummers;
- aankopen en verkopen van cryptoactiva;
- omruilingen tussen verschillende cryptovaluta;
- bepaalde overdrachten van cryptoactiva.
De gegevensverzameling start vanaf 1 januari 2026, waarna de eerste automatische internationale uitwisselingen zullen plaatsvinden in 2027.
Let wel: voor CARF zijn, in tegenstelling tot voor CRS, ook de Belgische beleggers in scope van deze rapportering die KBC als crypto-activadienstverlener zal doen.
Een duidelijke boodschap voor de toekomst
Met de invoering van CRS 2.0, DAC8 en CARF breekt een nieuw tijdperk van fiscale transparantie aan. Waar de CRS-regelgeving traditioneel focust op de automatische uitwisseling van informatie over buitenlandse rekeninghouders tussen belastingadministraties, breidt CARF deze transparantie aanzienlijk uit naar de wereld van de cryptoactiva. Hierdoor zal de Belgische fiscus niet alleen meer zicht krijgen op buitenlandse belastingplichtigen met rekeningen in België (en ook op Belgen met rekeningen in het buitenland) maar ook op Belgische inwoners die cryptoactiva aanhouden via crypto-dienstverleners gevestigd in een deelnemend CARF-land, zoals KBC Bank in België.
Belastingadministraties zullen daardoor niet alleen over méér gegevens beschikken, maar vooral over kwalitatiever, vollediger en beter bruikbare informatie. De focus verschuift van louter financiële rekeninginformatie naar een veel diepgaander inzicht in de uiteindelijke eigendom, controle en economische belangen achter vermogensstructuren, financiële activa en cryptoactiva.
Voor beleggers, ondernemers en vermogende families is de conclusie dan ook duidelijk: een correcte fiscale aangifte, sluitende documentatie en transparante vermogensstructuren zijn niet langer louter administratieve formaliteiten, maar vormen een essentieel onderdeel van een zorgvuldig en toekomstgericht vermogensbeheer.
De periode waarin buitenlandse structuren, buitenlandse rekeningen of cryptoactiva buiten het zicht van de fiscale autoriteiten konden blijven, behoort steeds meer tot het verleden. In een wereld waarin gegevens grensoverschrijdend en automatisch worden uitgewisseld, worden vooruitdenken, documenteren en fiscale compliance proactief beheren belangrijker dan ooit.
Hebt u hierover nog vragen?
Neem dan contact op met uw private banker of wealth manager.