De wereld in beeld: de financiële markten reageren positief op de normalisatie van de economie

Macro-economisch 


1. Verenigde Staten

VS-economie zit in volle herstelfase 

In tegenstelling tot de economie in de eurozone bevindt de economie in de VS zich al in volle herstelfase. Dat wordt bevestigd door de definitieve BBP-cijfers over het eerste kwartaal, die wijzen op een groei van 6,4% (op jaarbasis).

Wat zeggen de indicatoren?

  • Het consumentenvertrouwen (Universiteit van Michigan) herstelde in de loop van de maand juni. Het cijfer was iets lager dan de verwachtingen (87,4). De reden voor de stijging heeft alles te maken met het wegebben van de inflatievrees.  
United States - consumer confidence

De kleinhandelsverkopen daalden in de maand mei. Dit is normaal na de sterke stijging de vorige maand. Immers in de maand april zagen we het effect van de consumptiecheque die de regering Biden gaf aan de gezinnen. Onze macro-economen gaan uit van een herstel van de kleinhandelsverkopen als de economie verder herneemt (heropening van de economieën) en de normalisatie duidelijk wordt. Vergeten we bovendien niet dat de regering Biden nog andere relanceplannen op tafel liggen heeft.

United States - retail sales
  • De werkloosheidsgraad daalde verder naar 5,8% maar staat wel nog hoger dan in pre-coronatijd, wat dan wel het allerlaagste niveau ooit was. Dit zien we duidelijk op de langetermijngrafiek (5 jaar). In mei werden 559.000 banen gecreëerd, wat ongeveer het dubbel was van de voorbije maand, maar lager dan de voorgaande maanden. Een groot deel van de Amerikanen is intussen weer aan het werk.  
United States - unemployement rate

VS-industrie draait nog steeds op volle toeren

De Manufacturing PMI (ondernemersvertrouwen verwerkende nijverheid) sprong in juni 2021 naar 62,6 van 62,1 in mei, ruim boven de marktverwachtingen van 61,5. Er was een nieuwe recordgroei van de fabrieksactiviteit tegen de achtergrond van een verdere versoepeling van de COVID-19-beperkingen. De productie en de nieuwe orders bleven sterk stijgen, hoewel vertragingen bij leveranciers en moeilijkheden om geschikte arbeidskrachten te vinden op de productie wogen. De bedrijven verhoogden hun verkoopprijzen in een sneller tempo in een poging deze hogere kosten door te berekenen, waarbij ook de kosteninflatie alle vorige records overtrof. Dit zorgde o.a. de voorbije maanden voor de inflatievrees.

United States - manufacturing pmi

Het PMI Services (ondernemersvertrouwen diensten) daalde in juni 2021 tot 64,8, van het recordcijfer van 70,4 in de voorgaande maand en onder de marktverwachting van 70,0. Toch wees de laatste meting op de op één na sterkste expansie in de dienstensector sinds in oktober 2009 met het verzamelen van de gegevens werd begonnen.  

United States - pmi services

Fed kalmeert de gemoederen

De Fed liet op haar junivergadering haar erg accommoderende monetair beleid onveranderd. Ze sloeg niettemin een wat ‘agressievere’ toon aan, in het bijzonder met betrekking tot de geactualiseerde economische vooruitzichten.

Het verwachte toekomstige pad voor de beleidsrente wijst nu op een eerdere en snellere verhoging, met reeds twee renteverhogingen tegen eind 2023. Wat de inflatie betreft, herhaalde voorzitter Powell dat de Fed de huidige opstoot als tijdelijk bestempelt, onder meer als gevolg van basiseffecten en de heropening van de economie. Verder blijft de Fed van oordeel dat de VS-economie ‘substantiële verdere vooruitgang’ moet maken vooraleer de centrale bank met de afbouw van haar aankoopprogramma van financiële activa kan beginnen.

 2. China

De Chinese consument blijft op het appel

De groei van de Chinese detailhandel is in mei 2021 vertraagd tot 12,4% jaar op jaar, tegen 17,7% in de voorgaande maand en onder de marktverwachting van 13,6%. Het laatste cijfer bleef wijzen op een solide verbetering van de binnenlandse vraag, maar wees ook op meer druk op het consumptieherstel.

  • Het consumentenvertrouwen is ook verder teruggevallen maar blijft op een hoog niveau.
China - consumer confidence

Chinese industrie bevestigt opnieuw

Het Manufacturing PMI (ondernemersvertrouwen verwerkende nijverheid) kwam in mei 2021 onverwacht uit op het hoogste niveau in vijf maanden met 52,0, vergeleken met de marktconsensus en het cijfer van april van 51,9, te midden van een gestaag herstel van de Chinese economie na de pandemie. De nieuwe orders stegen het sterkst sinds december 2020, de groei van de exportorders lag op het hoogste niveau in zes maanden en de productie bleef stijgen. Ondertussen bleef de werkgelegenheid grotendeels ongewijzigd, terwijl de werkvoorraad voor de derde maand op rij toenam.  

China manufacturing pmi

Het ondernemersvertrouwen voor de dienstensector (Services PMI) daalde tot 55,1 in mei 2021 komende van een hoogtepunt van 56,3 in de voorgaande maand, omdat COVID-zaken in het buitenland de bedrijvigheid schaadden. Toch wijst de laatste meting op groei in de sector voor de 13e maand op rij, waarbij de groei van nieuwe orders weliswaar afzwakt, maar robuust blijft.  

China pmi services

3. Eurozone

Ook Europa twijfelt.

  • Het definitieve BBP-cijfer van de eurozone over het eerste kwartaal werd opwaarts herzien. De daling was kleiner dan initieel ingeschat: 0,3% (tegenover het vorige kwartaal) in de plaats van 0,6%. De BBP-cijfers over het eerste kwartaal bevestigen de veerkracht van de economie van de eurozone. Gezinnen en bedrijven hebben zich met succes aangepast aan de mobiliteitsbeperkingen.
     
  • De kleinhandelsverkopen stegen verder in de maand april. De toenemende vaccinatiegraad in de eurozonelanden, waar België tot de kop behoort, zorgde voor vertrouwen bij de consument.
euro area - retail sales annual

Het consumentenvertrouwen in de eurozone werd in juni 2021 bevestigd op -3,3, een stijging voor de vijfde keer op rij tot het hoogste niveau sinds januari 2018, gesteund door de heropleving van de economie en de versnelling van het COVID-vaccinatietempo. Dat gaf dan weer aanleiding tot een sterke notering van het consumentenvertrouwen in de peilingen van de Europese Commissie. Het consumentenvertrouwen staat nu hoger dan vóór de pandemie en noteert op het hoogste peil sinds midden 2018. Dat is bemoedigend voor de te verwachten ontwikkeling in de nabije toekomst.

euro area manufacturing pmi
euro area - consumer confidence

Europese industrie kent een betere maand

Ook de recente verdere verbetering van het ondernemersvertrouwen ondersteunt ons optimisme over de verdere economische groei in de eurozone in het tweede kwartaal.

De index van het vertrouwen bij de aankoopdirecteuren (PMI) steeg meer dan verwacht in mei, van 53,8 tot 57,1. Dit was voor een groot deel te danken aan de verbetering in de dienstensectoren, die in de meeste delen van de eurozone van de versoepeling van de lockdownmaatregelen profiteerden.

In de verwerkende nijverheid bereikte de indicator zijn hoogste peil ooit. Dat wijst op de kracht van het cyclisch activiteitherstel. Anderzijds zijn er de wijdverspreide tekenen van de verstoring van de toeleveringen. Vooral in Duitsland temperen die de productie. Deze lag er in april 1% lager dan in maart, omdat de autonijverheid er bijzonder hard werd getroffen door het tekort aan halfgeleiders.

euro area - pmi manufacturing
euro area - pmi services

De financiële markten


1.  Beurzen 

Verenigde Staten

De bevestiging door de Fed dat de inflatieopstoot van tijdelijke aard is, gaf de technologiesector vleugels. Dit merken we aan de evolutie van de Nasdaq dat opnieuw een record neerzette. De andere VS-beurzen bleven niet achter en haalden topniveaus (o.a. door het herstel van energie en financials).  

De Europese beurzen blijven de voorkeur geniet van diverse vermogensbeheerders. Het afbouwen van de lockdowns en de toenemende vaccinatiegraad zorgde voor een inhaalbeweging op de Europese markten. Het economische optimisme vertaalt zich in de beursverwachtingen.

De opkomende markten blijven in een zijwaartse beweging. De Chinese groei is wat getemperd (op een hoog niveau) en de pandemie is nog op volle kracht in Latijns-Amerika alsook in landen in de Aziatische periferie (o.a. India).

2.  Obligatiemarkten

Afgelopen maand kabbelden de obligatiemarkten rustig verder. De heropening van de economie na corona en de retoriek van de centrale banken over een eventuele aanpassing van het monetaire beleid waren ook deze maand de dominante marktthema’s.

De centrale bankiers aan beide zijden van de Atlantische Oceaan blijven herhalen dat de inflatie-opstoot van tijdelijke aard is en dat bijgevolg de afbouw van het monetaire stimulusprogramma zeer geleidelijk zal verlopen. Dit zorgde ervoor dat de lange termijn rente op overheidsobligaties de afgelopen maand nagenoeg stabiel bleef.

In de VS vervlakte de rentecurve een beetje, een gevolg van het feit dat enkele centrale bankiers hun eerste verwachte renteverhoging enkele maanden vervroegden.

In de tweede jaarhelft zal snel duidelijk worden of dit scenario realiteit wordt of niet. De tewerkstellingscijfers tijdens de zomermaanden zullen hierbij allicht de doorslag geven. Beter dan verwachte jobgroeicijfers zullen in dat geval een bearish steepening van de rentecurve tot gevolg hebben: vooral de korte termijn rentevoeten zullen stijgen, minder de marktrente op lange termijn.

In Europa zal het wellicht zo’n vaart niet lopen. Alhoewel de economische groei ook hier opveert, lijkt alvast de inflatie niet echt te versnellen en zal vermoedelijk de doelstelling van de centrale bank de komende jaren niet bereiken. De rentestijging tijdens de eerste jaarhelft lijkt dan ook stilaan af te toppen.

Binnen de eurozone blijven de perifere landen het uitstekend doen. Het renteverschil van deze landen met benchmark Duitsland kalfde de afgelopen maand verder af.

Op het vlak van de bedrijfsobligaties blijven vooral de high yield obligaties positief in het oog springen. De kredietspread op dit type obligaties daalde verder.

High yield obligaties laten in 2021 een positieve performance optekenen. De meer veilige investment grade obligaties niet. De verwachting leeft dat deze trend zich ook in de tweede jaarhelft zal verder zetten.
De emerging markets in harde valuta (USD, Euro) kenden een behoorlijk goede maand.

Wat munten betreft waren de uitschieters de USD, CZK, BRL en RUB. Bijna allemaal munten waarvan de centrale banken de rentevoeten de afgelopen maanden verhoogden. Voor wat betreft de USD was het al voldoende te impliceren dat eind dit jaar het QE-beleid mogelijks verstrakt zal worden om de munt een duw in de rug te geven.

Asset allocatie

Uit bovenstaande blijkt dat onze macro-economen iets optimistischer geworden zijn voor de economieën in 2021. We blijven aandelen licht overwegen (in de loop van de maand juni namen we 2% meer aandelen op in de portefeuilles) en de obligaties onderwegen. Binnen de regio’s bouwen we Europa verder op via “large cap”-aandelen, naast de Europese small caps.

De financiële markten hebben positief gereageerd op de normalisatie van de economie. We vinden dat er al een voorschot genomen is op die normalisatie en zijn wat voorzichtiger geworden qua sectorinvulling. We verhogen de positie in de niet-cyclische consumentengoederen (vnl. de subsector huishoud- en persoonlijk producten) en de farma. We zien zeker nog potentieel in de technologie maar gaan selectiever tewerk bij onze keuzes.  

We blijven de ontwikkelingen opvolgen. Wenst u meer informatie over de KBC-Beleggingsstrategie? Uw private banker of wealth officer is uw aanspreekpunt.

 

Maak kennis met KBC Private Banking & Wealth
Inschrijven op onze nieuwsbrief

Dit nieuwsbericht mag niet worden beschouwd als een beleggingsaanbeveling of advies.