Hoe bereidt het Solar Team zich voor op 3.000 kilometer door de VS?
Een zonnerace win je niet alleen op de weg. KBC neemt je mee achter de schermen bij het Innoptus Solar Team. Met de Infinite Apollo bereidt het team zich voor op zijn eerste American Solar Challenge in de Verenigde Staten. In die race zijn strategie, efficiëntie en voorbereiding minstens even belangrijk als snelheid.
Een race begint lang voor de start
Het Solar Team werkt telkens in cycli van twee jaar. In het eerste jaar bouwen de afgestudeerde ingenieursstudenten van KU Leuven een volledig nieuwe wagen. In het tweede jaar wordt die wagen door een nieuw team verder getest en geoptimaliseerd voor andere wedstrijden. Naast het bouwen van de wagen regelen de studenten ook het transport, de logistiek, de communicatie en de raceplanning. Enkele weken voor de race vertrekt een scoutingteam naar de VS. Het verkent het volledige parcours. Daarbij let het op verkeerslichten, gevaarlijke bochten, verkeersdrempels en andere obstakels. Die informatie bepaalt later mee de racestrategie.
Eén wagen, duizenden simulaties
De Infinite Apollo ziet er futuristisch uit, maar elk detail heeft een functie. Het team testte de vorm van de wagen duizenden keren op de computer. Zo gebruikt de wagen zo weinig mogelijk energie. Teams mogen vandaag nog maar 6 vierkante meter zonnepanelen gebruiken. Daarom zijn een laag gewicht, een goede stroomlijn en slim energiegebruik extra belangrijk.
Ook de uitschuifbare vin bovenop de wagen helpt daarbij. Die houdt de zonnewagen stabiel bij zijwind of luchtverplaatsing, bijvoorbeeld wanneer een vrachtwagen voorbijrijdt. Bij zijwind werkt de vin als een soort zeil. Zo helpt de wind om de wagen vooruit te duwen. Het team gebruikt ook een speciale laag, geïnspireerd op de huid van een haai. Die vermindert turbulentie en verbetert de aerodynamica.
Elke race vraagt een andere aanpak
De Infinite Apollo, waarmee het team vorig jaar nog derde werd in de World Solar Challenge in Australië, kreeg het afgelopen jaar opnieuw verschillende upgrades. Want elke race brengt andere omstandigheden, regels en uitdagingen met zich mee.
De VS is een heel ander verhaal dan Australië. Er is meer verkeer, meer hoogteverschil en warmer weer. Daar pas je je wagen niet zomaar even voor aan, daar bouw je maandenlang naartoe.
Marie-Johanna Schillemans, teammanager Innoptus Solar Team
Voor de American Solar Challenge werd de wagen onder meer uitgerust met een extra rolkooi en een volledig nieuw batterijpakket. Ook de voorbereiding veranderde: het team reed voor het eerst een testronde van meer dan 250 kilometer op Belgische openbare wegen. Zo konden de studenten oefenen in omstandigheden die lijken op een echte race. Ze oefenden bijvoorbeeld communicatie in het konvooi en rijden tussen ander verkeer.
Ook de temperatuur speelt mee. Waar het team vorig jaar in Australië reed bij ongeveer 20 graden, kan het in de VS oplopen tot zo’n 40 graden. In de kleine cockpit vraagt dat veel van de wagen én de chauffeur.
Een studentenproject met impact
Het Innoptus Belgian Solar Team doet meer dan wedstrijden rijden. Het project draait ook rond duurzame innovatie en het enthousiasmeren van jongeren voor STEM. Zo namen tijdens de Solar Olympiade van 2026 meer dan 600 leerlingen deel aan workshops en wedstrijden rond technologie, duurzaamheid en zonne-energie.
Voor de studenten zelf is het team een intensieve leerschool. Ze bouwen niet alleen een wagen, maar leren ook ondernemen, samenwerken en oplossingen zoeken onder tijdsdruk. Zo wordt het Solar Team een testomgeving voor duurzame mobiliteit. Jonge ingenieurs doen er ook waardevolle praktijkervaring op. Waarden waar ook KBC als golden partner graag mee de schouders onder zet.